nieuwspagina

“Om de betonketen echt te verduurzamen zijn ook andere instrumenten nodig”

Auteur: Simone Bel i.o. Betonakkoord Foto: VBI - Thies van der Wal 22 september 2021 Laatste update 14 oktober 2021

Een van de toonaangevende partijen die zich al vele jaren sterk maakt voor verduurzaming van de betonsector is VBI uit Huissen. VBI is een bekende partij in de markt van vloersystemen in Nederland. Als Simone Bel van het Betonakkoord praat met Thies van der Wal (adviseur duurzaamheid) en Peter Musters (adviseur Bouwconcepten) van VBI, dan spreekt zij met twee bevlogen mensen die intrinsiek gedreven zijn om de CO2-footprint te verlagen, circulair te bouwen en de markt in beweging te zetten. VBI is lid van Betonhuis Constructief Prefab en onder de noemer 'koploperaanpak' publiceert Betonhuis i.s.m. Betonakkoord een serie inspirerende verhalen.  

De ambities van VBI op het gebied van duurzaamheid reiken ver. Met de verschillende kanaalplaatoplossingen zijn zij aangemerkt als koploper in het kader van het Betonakkoord. Het bedrijf werkt graag samen met aannemers, constructeurs, architecten en projectontwikkelaars aan veiliger, slimmere en vooral duurzame oplossingen. VBI beschouwt zichzelf niet louter als leverancier, maar als partner van de partijen met wie zij werken gericht op een circulaire economie. Voldoende reden om met deze koplopers in de markt te gaan praten.

Lage milieubelasting

De kanaalvloerplaten zijn prefab voorgespannen betonvloeren die in de fabriek volledig op maat worden gemaakt en die na montage direct te gebruiken zijn. Met het gebruik van kanaalplaten wordt tot 40 procent beton bespaard. Bovendien is door het lage gewicht en de voorspanning er ook fors minder wapening nodig, tot wel 50 procent. Al vele jaren is de footprint laag onder andere door het gebruik van met ENCI ontwikkelde CEM II in het beton. En met het gebruik van betongranulaat begint ook het denken over de waarde van grondstoffen en circulariteit waarbij secundaire grondstoffen een cruciale rol spelen bij het maken van beton.

Thies van der Wal, adviseur duurzaamheid
Ik ben ervan overtuigd dat het heffen van belasting of het aanpassen van wetgeving en richtlijnen de meest effectieve manier is om circulariteit te stimuleren. Dat zagen we ook eind jaren 80 toen we te maken kregen met ‘stortkosten’. Er ontstond toen een economisch belang om afval in het eigen bedrijf te houden en dit te hergebruiken. Daarmee ontstond een gesloten kringloop.

Duurzaam inkopen

Dat duurzaamheid op dit moment niet altijd doorslaggevend is bij een inschrijving weten ze bij VBI. Hoewel je als bedrijf voorloopt en intrinsiek gedreven bent om steeds verder te verduurzamen, blijkt prijs in veel gevallen toch de doorslaggevende rol te spelen. “Om de betonketen echt te verduurzamen zijn dan ook andere instrumenten nodig,” aldus Thies van der Wal. “Ik ben ervan overtuigd dat het heffen van belasting of het aanpassen van wetgeving en richtlijnen de meest effectieve manier is om circulariteit te stimuleren.” Het grondstoffenakkoord is gericht op het blijvend beschikbaar hebben van grondstoffen. In het Betonakkoord heeft dit ook een belangrijke plek. Letterlijk staat er: hoogwaardig hergebruik van beton. “Wat ons betreft stort je betongranulaat niet onder het asfalt.” 

CSC certificaat

VBI heeft sinds 2017 een CSC (Concrete Sustainability Council) certificaat, sinds 2020 op het niveau Gold.  BREEAM waardeert dit CSC-certificaat in de hoogste categorie (Tier level 1) binnen BREEAM-NL 2014 MAT 05 (Traceerbare herkomst van grondstoffen). Dit certificaat gaat over duurzaam en verantwoorde herkomst van beton. Ondanks alle circulaire toepassingen laat een brede toepassing nog op zich wachten. Prijs lijkt momenteel een belemmerende factor voor de snelheid waarmee de bouw- en betonketen verduurzaamt. Er is al heel veel mogelijk, maar duurzame oplossingen worden in veel gevallen nog niet gekozen. Je kunt als aanbiedende partij koploper zijn, maar de bouwende partij maakt nu uiteindelijk de keuze. “Om tot een versnelling te komen zijn aangepaste gunningscriteria en een CO2 -taks nodig. Dan pas gaan we echt stappen maken, terwijl iedereen die duurzame oplossingen wil toepassen dat nu al kan doen,” aldus Van der Wal.

Circulair ontwerpen

Bij VBI kijken ze naar de waarde van grondstoffen vanuit het in Betonakkoord ontwikkelde Bouwwaardemodel op basis van de Value Hill van het Groene Brein. Hierin is ook het 10R model van Jacqueline Cramer opgenomen en het 6S model van Stewart Brand. “We hebben dit model in het kader van het Betonakkoord aangepast,” zegt Thies van der Wal. Duurzaamheid kent meerdere gradaties: van recycling van materialen, via hergebruik van onderdelen van de bouwconstructie, tot aan hergebruik van het gebouw als geheel. “Het is niet alleen een technisch, maar ook een economisch model dat veel vraagt van de verschillende betrokken partijen rond een bouwtraject.” 

Het uitvoeringsteam Circulair ontwerpen van het Betonakkoord heeft het Bouwwaardemodel ontwikkeld. Daarmee kunnen alle ketenpartners vanaf de ontwerpfase eenvoudig deelnemen aan het circulair ontwerpproces. Dat is cruciaal om tot een écht circulair bouwwerk te komen.

Lage MKI waarde

In deze visie is duurzame materiaalkeuze de basis. Daarbij gaat het om materiaal met een lage MKI waarde, beton met CSC en hergebruik van betongranulaat. De stap erna is gericht op Losmaakbaarheid - Design for Re-assembly. “Kun je de onderdelen weer netjes loskrijgen zodat je ze ook weer volledig kunt hergebruiken in een ander gebouw.” En als laatste gaat het om de Functie– en Indelingsaanpasbaarheid, - ‘design for Flexibility’- zodat een gebouw een andere toepassing kan krijgen en zodoende een lange levensduur heeft. “Op al deze aspecten hebben wij een rol, een visie en concrete toepassingen.” Het uit elkaar halen heeft alleen economisch nut als de onderdelen ook weer in elkaar kunnen. “Het gaat erom dat je de grondstoffen op een zo hoog mogelijk niveau kunt zekeren, waarbij geldt: ‘de-montabel’ bespaart je de afvalkosten en ‘re-montabel’ bespaart je investeringen.” Bij het hergebruik van materialen moet de ‘producenten-garantie’ blijven gelden. “Je hebt een productenpaspoort en een montagehandleiding nodig.” Het losmaakbaarheidscriterium is de basis van dit model waarbij de restwaarde gelijk staat aan de nieuwwaarde.”

Peter Musters, adviseur Bouwconcepten
Net als met een Lego-blok. Losmaakbaarheid is een middel om een doel te bereiken en geen doel op zich” aldus Musters. “Het gaat om hoogwaardig hergebruik van beton – in de zuiverste vorm, waarbij het product de grondstof is. Beton wordt door de jaren heen alleen maar harder en heeft dan al vele jaren beproefde kwaliteit in de praktijk.

Demontabele vloeren

De milieu-impact wordt niet alleen bepaald door de duurzame samenstelling van het beton, maar ook door de wapening, sterkte en het gewicht. In eerste instantie was het de uitdaging van VBI om de kanaalplaten zo licht en tegelijkertijd zo sterk mogelijk te maken. “Maar wij gaan nog stuk verder. Wij focussen ons op re-montabelheid zodat we onbeschadigde kanaalplaten weer kunnen hergebruiken, maar dan op een veel hoger niveau dan bij recycling.” Daarvoor is het nodig dat de kanaalplaten weer netjes losgemaakt kunnen worden. VBI focust zich momenteel op het door ontwikkelen van de losmaakbare en bereikbare verbindingen aan de draagconstructie. Deze verbindingen kunnen dan al in de ontwerpfase worden uitgeëngineerd. Hierdoor kunnen in de uitvoeringsfase geen verkeerde keuzes meer worden gemaakt die hoogwaardig hergebruik in de weg staan.

Lees het hele interview op betonakkoord.nl